Beginnen met astronomie, deel VIII

Deel VIII: Start in eerste instantie eens met een verrekijker.

Misschien heb je het al vaker gelezen maar als je wilt beginnen met de praktische astronomie kun je een goede start maken met een verrekijker. Enja, zelfs als je een telescoop hebt kun je er gerust eens voor kiezen om met de verrekijker naar buiten te gaan. Je bent niet aan een plaats gebonden en een verrekijker hang je eerder om je nek bij een wandeling dan een telescoop.

Hoe dien je een verrekijker vast te houden?
Als je geen statief hebt voor je verrekijker is het belangrijk om te weten hoe je het beste je verrekijker kunt vasthouden om zo de maximale standvastigheid te creëren voor je beeld.

De meeste mensen houden de verrekijker vast door met iedere hand één van de zijde van de verrekijker vast te nemen bij de koker waar de lenzen in zitten. De linkerhand is dus aan de linkerzijde van het zwaartekrachtspunt van de verrekijker en de rechterhand aan de overzijde aan de rechterzijde van het zwaartekrachtspunt van de verrekijker.

Voor de meeste mensen is er een betere positie. Stel je voor dat je je verrekijker voor je ogen houdt en vasthoudt op de manier zoals deze hierboven is omschreven. Schuif nu je handen langs het instrument richting je gezicht totdat alleen je ringvingers en pinken nog om de kokers met daarin de lenzen heenslaan. In deze positie lijkt de verrekijker een beetje zwaar aan de voorzijde omdat je deze vasthoudt achter het punt van de zwaartekracht.

Nu draai je iedere duim zo alsof je en vuist maakt en zorg ervoor dat je je handen zo hebt dat het tweede bot (vanaf het topje) van de duim tegen je jukbeenderen aangeduwd wordt. Dit maakt een vrij solide verbinding met de verrekijker door je handen en duimen naar je gezicht, en zal je stabiliteit verbeteren.

Vergelijkbaar, draai de wijsvinger en middelvinger van elke hand rond de oogstukken van de verrekijker om zo iets meer structurele ondersteuning te geven. In deze positie zijn je handen niet ver weg van de positie die je zou innemen als je je handen naar je gezicht zou brengen om je ogen af te schermen van verstrooid storend licht.

Voor de meeste mensen leidt deze techniek tot het stabieler kunnen vasthouden van de verrekijker. Als de verrekijker lang en zwaar is (zoals bij 10×70 of 11×80) dan kan deze uit-balans-zijnde greep erg vermoeiend zijn. Beweeg in dat geval één hand naar de voorzijde van de verrekijker, bij het objectief, zodat je de verrekijker aan beide zijden ondersteunt van het punt van de zwaartekracht. In dit geval heb je toch nog deels, van één hand, de connectie tussen de verrekijker en je gezicht. Als een hand moe wordt kun je wisselen.

Voor elke persoon is een grens over hoe zwaar en krachtig een verrekijker kan zijn waarna de verrekijker niet meer stabiel genoeg kan worden vastgehouden. Een gemiddelde volwassene kan doorgaans een 10×70 verrekijker nog voldoende stabiel vasthouden. Bij de wat jongeren en oudere personen kan men eerder denken aan 7×50. Natuurlijk is er een groot verschil tussen moderne verrekijkers en de zware oude verrekijkers. Experimenteer er maar eens mee, oefening baart kunst.

Je kan je verbazen hoeveel je aan astronomie kunt doen met alleen een verrekijker.