Beginnen met astronomie, deel VII

Deel VII: Wat is de beste montering?

Equatoriaal (parallactisch) vs. Azimutaal
Als je twijfelt over een montering voor een telescoop zul je je deze vraag altijd stellen. Dit is namelijk de belangrijkste keuze die je kunt maken naast de keuze of je een waterpas in je montering wilt en allemaal zulke gadgets.

De verschillen tussen de twee bovenstaande typen monteringen is al vaak besproken bij menig astronoom. Er zijn misschien wel wat misvattingen over de monteringen, misschien meningen die op iets verkeerds zijn gebaseerd, al met al een reden om even duidelijk de verschillen te noteren.

Eén belangrijk feit kan hier direct geschreven worden: “Geen enkele montering is perfect voor alle situaties!” Iedere poging om één van de twee monteringen helemaal boven de ander te plaatsen zonder dat je kijkt naar alle aspecten is gedoemd te mislukken. Hieronder zijn de daadwerkelijke voordelen en moeilijkheden van de twee meest populaire monteringsystemen.

De Azimutale montering
(treft men aan bij goedkope telescopen en grote Dobson-telescopen). Deze montering heeft gedurende de laatste 20 jaar weer wat terrein gewonnen. Vroeger deed men deze montering of als een pijler met klauwen die alleen gebruikt werd bij goedkope telescopen. Nu gebruikt men deze montering ook bij goed ontworpen telescopen met de grootste diameters die voor een amateur beschikbaar zijn.

De voordelen van een azimutale montering:

1) Simpel en stabiele uitvoering dat geen contragewicht nodig heeft om de juiste balans te bereiken, de vibraties weg te nemen en de juiste flexibiliteit te bereiken. Er zijn slechts twee verticale en één horizontale draaias.

2) Eenvoudige en handzame montering waarmee beginners snel aan de slag kunnen.

3) Beter draagbaar dan de meeste andere equatoriale monteringen, vooral bij diameters boven de 20 cm en meestal in korte tijd op te stellen.

4) Eenvoudig te bouwen waardoor meestal eenvoudige spiegelondersteuning kan worden gebruikt.

5)Lage totale kostprijs, vooral voor grote diameters.

De nadelen van een azimutale montering:

1) Onmogelijk om objecten aan de hemel te volgen met behulp van één as. Je komt dus niet weg met één enkele volgmotor zoals dat bij een equatoriale montering wel het geval is. Als je met de azimutale montering wilt werken met een volgmotor dien je motoren op beide assen te plaatsen. Bij een azimutale montering is het ook niet mogelijk om recht boven je te kijken bij een twee-as aangedreven systeem.

2) Doordat je minder met de baan van de sterren bent verbonden is het bij een niet gemotoriseerde opstelling moeilijker om zwakke objecten te lokaliseren en te volgen. De coördinaten van sterren zoals die in de atlas staan kunnen niet worden gebruikt aangezien je met andere coördinaten werkt.

3) Veel rekenwerk nodig om de hoogte en hoek van objecten aan de hemel te bepalen uit de hemelcoördinaten. Je moet het dus echt hebben van ‘star-hopping’.

4) Door het lastige volgen van sterren is lange belichting bij het maken van foto’s niet haalbaar, of je moet er voor kiezen om een geavanceerd volgsysteem op beide assen te plaatsen.

De equatoriale montering
Deze monteringen zijn uitgelijnd voor het coördinatensysteem van de sterren en zijn daarmee toch voor meer dan een eeuw dé montering voor serieuze amateurs en professionele astronomische telescopen. Hoewel de basis hetzelfde is komen ze in verschillende typen: Duits equatoriaal, English Yoke, English Cross-axis, Polar Disk, vorkmontering etc…

De voordelen van een equatoriale montering:

1) Men kan gebruik maken van één enkele volgmotor om de sterren nauwkeurig langdurig te kunnen volgen.

2) De meeste equatoriale monteringen (met uitzondering van de Yoke) kunnen de hele sterrenhemel beslaan.

3) Technieken om sterren te vinden kunnen eenvoudiger worden toegepast om zo ook eenvoudiger en sneller de lichtzwakkere objecten te vinden.

4) De coördinaten uit de atlas (Rechte Klimming en Declinatie) zijn direct toepasbaar op de montering waardoor je de telescoop sneller naar een bepaalde ster kunt richten.

De nadelen van een azimutale montering:

1) Goede equatoriale monteringen hebben snel de neiging om groot en zwaar te zijn waardoor ze vaak niet draagbaar en snel opzetbaar zijn. De montering wordt vaak in meerdere delen uit elkaar gedraaid.

2) De Duitse equatoriale montering vraagt zware contragewichten op een lange buis om de balans van de hele opstelling juist te krijgen. In het donker kan het een probleem zijn als iemand anders of zelfs de waarnemer zelf achter de montering blijft haken met zijn kleding.

3) Goede equatoriale monteringen zijn meestal voorzien van 4 verschillende assen en zijn vaker duurder dan de azimutale opstellingen.

4) Nauwkeurige afstelling op de hemelpool (de poolster) is noodzakelijk om de eigenschappen van deze montering ook goed te kunnen gebruiken.

5) De amateur kan doorgaans sneller objecten vinden én volgen met behulp van een equatoriale montering, hoewel de opstelling iets ingewikkelder is dan de azimutale opstelling.

Notitie
Geen van deze nadelen zal ervoor zorgen dat dit monteringsysteem niet gebruikt kan worden door een amateur. Voor strict visuele waarnemingen (vooral voor beginners) kan een azimutale montering voldoen. Als je wilt gaan fotograferen met lange belichtingstijden dat komt men bijna niet onder de equatoriale montering uit. Voor grote diameters en goede verplaatsbaarheid zou je weer een azimutale montering moeten nemen.

Samengevat:
Als je alleen zo nu en dan visueel wilt waarnemen en je een zo groot mogelijke telescoop voor zo weinig mogelijk geld wilt hebben dan voldoet een Dobson met een azimutale montering. Als je iets serieuzer aan het werk wilt gaan in de astronomie en daarvoor de sterren en andere objecten langdurig nauwkeurig wilt volgen dan kun je het beste een equatoriale montering aan te schaffen.